De knop naar herstel van je eetstoornis. Hoe vind je die?
“Stop met braken en dat rare gedoe” of “Joh, gewoon gaan eten, dan komt het vanzelf wel weer goed”. Fijn die adviezen! Maar als je echt diep in je eetstoornis zit en frequente eetbuien hebt, dan krijg je de knop naar herstel vaak niet om. Ook niet met dit soort goedbedoelde adviezen. Hoe moet het dan wel?
Ik sprak hierover met Greta Noordenbos, universitair docent aan de universiteit van Leiden, auteur van diverse boeken over eetstoornissen en senior onderzoeker naar de achtergronden, behandeling en herstel van eetstoornissen. Lees verder


Dit is het eerste gast blog van een reeks herstelverhalen. Bewust laat ik hier juist ook anderen aan het woord dan puur mensen met een eetstoornis. Het gaat om het om het principe van herstel.
Vette mayo, grote klonten boter, vette vellen aan de kip, een plas olie in de pan, slagroom door een saus, vetparels in de soep, boter op brood. Toen ik boulimia had moest ik daar allemaal niets van weten. Want van vet, daarvan word je …..natuurlijk VET. Moddervet. Vet, daar griezelde ik van, ik werd al misselijk bij de gedachte. Bovendien vet, dat heb je nergens voor nodig had ik bedacht.
Soms kun je opeens twijfelen of je wel met de juiste dingen bezig bent. Of je je werk of studie nog wel zo leuk vindt. Of je nog wel blij bent met je man of vrouw. Of erger nog of je jezelf nog wel zo leuk vindt en het leven dat je leidt. Ik vraag me dat in ieder geval regelmatig af. Hoe is dat voor jou? Zit jij (nog) op het juiste pad? Of is het dringend tijd voor wat anders. Ga op onderzoek.
Iedereen met een eetstoornis heeft zijn of haar eigen verhaal. In dit blog deel ik mijn verhaal. In de hoop dat dit jou ook helpt jouw verhaal te vertellen en in de hoop dat met ieder verhaal dat wij
Ik had het beloofd. Niet één keer maar heel vaak. Ik zou voortaan mijn haren uit het doucheputje halen. Ik deed ook echt mijn best maar werd er in de praktijk keer op keer op betrapt dat ik ze gewoon liet zitten. En zo ging het destijds ook met stoppen met eetbuien en braken. Goede voornemens, die kun je dus maar beter niet maken. Je raakt er zelf alleen maar gefrustreerd van en anderen vertrouwen je sowieso niet meer. Maar wat dan wel?
Eetbuien wie kent ze niet? Die zak chips, het pak koekjes of die plak chocola die je in een keer opeet zonder dat je er erg in hebt. Het wordt een ander verhaal als het daar niet bij blijft, als je de hele koelkast leeg (vr)eet of je zelfs de deur uit gaat om nog meer eetbuivoedsel te kopen. Als je dagelijks eetbuien hebt die niet meer te stoppen zijn en je door blijft eten totdat je fysiek niet meer kunt en je je diep ellendig voelt van de pijn in je lijf en de schaamte in je hoofd. Wat is de oorzaak? Alleen emoties? Nee, er zijn drie oorzaken.
Gevoelens en emoties. Hoe vaak druk je ze niet weg. Verstop je ze omdat het even niet uitkomt. Verdoof je ze met niet eten of juist eetbuien, met drank, drugs of hard werken. Omdat de emoties en gevoelens je verwarren of van slag brengen. Omdat je er geen raad mee weet. Wat zou het fijn zijn als je ze wel een plek kunt geven, als je ermee zou kunnen leren omgaan en ze kunt gebruiken om voluit te leven.
Baal je van je eetgedrag, je boulimia en je eetbuien? Weet je zo langzamerhand niet meer wat een gezond en normaal eetpatroon is. Ben je het aankomen en weer afvallen meer dan zat, lees dan dit blog. In dit blog deel ik mijn succesformule en een aantal recepten van het eetpatroon dat mij definitief van mijn eetbuien en boulimia af hielp.
Als de liefde voor jezelf ontbreekt, wordt het leven hard werken. Complimenten komen niet goed binnen. Kritiek des te meer. En hoe hard je ook werkt, hoe goed je ook je best doet, ergens zal het van binnen blijven knagen. Zal je blijven twijfelen of je wel goed genoeg bent, zal onzekerheid de kop blijven opsteken, zal je een gebrek aan zelfvertrouwen blijven voelen, jezelf blijven vergelijken met anderen, blijven hunkeren naar goedkeuring van anderen. Autonomie en stevigheid zijn dan ver te zoeken. Niet echt een stevig fundament als je wilt herstellen van een eetstoornis. Wat kun je eraan doen?
“Doe niet zo ongezellig. Je neemt toch wel een taartje?”