Hoe overleef je de kerst (met een eetstoornis)? 9 Tips
Kerst, het klinkt altijd zo gezellig, maar misschien ben je al weken of maanden in de stress van de kerst. De druk ligt namelijk hoog. Want het moet gezellig zijn, de boom moet prachtig zijn, het eten subliem en overdadig en de familie- en vriendenverplichtingen moeten nagekomen worden. Hoe overleef je nu de kerst zo dat je er ook nog wat van kunt genieten? Lees verder

“Zeg weet je wel dat jouw ene borst meer naar binnen staat dan de andere?” Verward kijk ik haar aan. Ik ben bij een rebalancer en sta in mijn onderbroekje voor haar voordat ik op de behandeltafel mag. “Wat moet ik hier nu mee?” Wat moet je sowieso met opmerkingen op je lijf waar je niet op zit te wachten? Of met eigen lichaamsobservaties waar je minder blij mee bent. 

“Morgen eet ik de hele dag gezond”. Hoe vaak heb ik me dat niet voorgenomen in mijn leven en hoe vaak ging het dan weer mis gedurende de dag? Heel vaak! Een verloren dag, noemde ik die dagen. En dan was het hek van de dam. Want als het toch al een verloren dag is, dan kan de controle los. Dan mag alles. Even leuk, maar achteraf komt de spijt. Hoe kom je nu af van dit verloren-dag-syndroom?
Vliegende vaart. Ik fiets naar de stad. Wind door m’n haar. Plots zie ik ze fietsen. Tientallen nieuwe studenten. Een groepje rode shirtjes. Een groepje met bloemenslingers om hun nek. Aan hun twijfelende blik en houding te zien duidelijk nog niet bekend in Utrecht. Oplettend fietsen ze achter iemand aan. Hun intro-pappa of –mamma? En ik denk “Ah, gossie”.
In mijn
Wat hebben een rotsklimmer en een eetstoornis nu met elkaar te maken? Niet veel zou je zeggen. Toch was er veel dat me raakte en inspireerde afgelopen week bij het zien van de bloedstollende film Free Solo. Stel je eens voor dat deze inzichten je kunnen helpen op weg naar een vrij leven zonder eetstoornis en bij het realiseren van je dromen.
Kan ik het wel? Heb ik wel het juiste gekozen? Van de zenuwen moet ik naar het toilet. Over een paar minuten moet ik in een overvolle zaal in één klap een plank doormeppen met daarop mijn hardnekkigste negatieve overtuiging ever: niet goed genoeg. Maar is deze wel de ergste? De juiste? Kan ik niet met wat beters komen én lukt het me wel die plank door te slaan? Ben IK wel goed genoeg? Hoe kom je van een diep gewortelde niet goed genoeg overtuiging af?
Stop, roep ik naar m’n lief. De Italiaanse zon brand genadeloos. Zweet gust van m’n lijf. Kromgebogen hang ik over het stuur van m’n fiets in de schaduw van een piezelig boompje. M’n benen zwabberen. M’n armen trillen. De energie is op. Ik luister naar m’n lijf. Ik stop en eet en drink. Ik eet om te kunnen fietsen door dit prachtige land. Doe jij dat ook? Eten om te kunnen sporten? Of sport jij om te kunnen eten?
Pffffff, wat stom van me. Ik zit met Annelot, 20 jaar, aan tafel. “Ik wil nu echt eens van het laatste staartje van m’n eetstoornis af”, verzucht ze. Ik leef mee, luister, vraag waar ze precies nog last van heeft. Opeens zeg ik “Dat klinkt als hoe ‘normale mensen’ omgaan met eten. Volgens mij doe je het hartstikke goed en heeft dit niets meer met een eetstoornis te maken”. Ik zie de opluchting op haar gezicht. Dat was de bevestiging die ze nodig had. Oeps…. en die was ik nou net helemaal vergeten te geven. Terwijl dat natuurlijk één van de belangrijkste vragen is om te beantwoorden: Wanneer ben je hersteld van een eetstoornis?
Het is 17.43. Ik laat de laatste klant uit, haast me de trap op naar de woonkamer, keil de kopjes in de vaatwasser en gris m’n dossiers mee naar kantoor om zo snel mogelijk de werkdag af te ronden. In rap tempo verstuur ik huiswerkopdrachten en facturen, werk dossiers bij en beantwoord de meest dringende mailtjes. Dan laat de pingel van de wasmachine me overduidelijk weten dat ‘ie klaar is en dat de was opgehangen wil worden. Intussen valt mijn blik op een gemist appje van zoonlief: hij wil ook mee-eten. “Pfff, oh ja eten, ook dat nog.” Ik zucht en denk: “We halen wel een diepvriespizza. Ik ben er wel klaar mee voor vandaag”. 
“Een eetstoornis, daar kom je toch nooit vanaf?” hoor ik vaak. Op zo’n moment komt de tijgerin in mij boven en wil ik roepen “WEL!!!!”. Dan haal ik adem en zeg rustig: “Het is niet gemakkelijk, maar een eetstoornis daar kun je echt vanaf komen! Ik ben er zelf het levende bewijs van.” Precies 25 jaar geleden, na zeven jaar gevangen te hebben gezeten in mijn boulimia, gooide ik het roer om. Hoe, dat lees je hier.
“Wat ik nou heb gehoord…….…” M’n lief is amper thuis of hij steekt al van wal met een bevlogen verhaal van Richard Krajicek op